Generieke Terugmeldfaciliteit

Dit document beschrijft een applicatieprofiel, in dit geval Generieke Terugmeldfaciliteit. Dit applicatieprofiel beantwoordt de vraag over hoe het corresponderende domeinmodel in de praktijk kan toegepast worden. Daarbij worden de beperkingen (kardinaliteit, codelijsten) toegelicht en de overeenkomstige (RDF) termen opgelijst.

Samenvatting

De Generieke terugmeldfaciliteit is een systeem voor het melden van fouten en onvolledigheden in digitale gegevensbronnen en de opvolging ervan.

Status van dit document

Dit applicatieprofiel dient om het specifieke gebruik van de entitieten relevant voor de beschreven applicatie te verduidelijken.

Dit document werd gepubliceerd als Ontwerpdocument. De specificatie zoals in dit document beschreven is in ontwikkeling. Bijgevolg kan dit document op elk moment aangepast, vervangen of achterhaald worden.
Dit document is bedoeld om uit te groeien tot een standaard in het beschreven domein. Desalniettemin heeft het op dit ogenblik geen officieel statuut en vertegenwoordigt het geen consensus binnen OSLO.

Feedback op deze specificatie kan gegeven worden als een topic in onze publieke reviewdiscussielijst.

Licentie

Deze specificatie van Informatie Vlaanderen is gepubliceerd onder de "Modellicentie Gratis Hergebruik - v1.0".

Conformiteit

Een applicatieprofiel is een specificatie voor gegevensuitwisseling dat bijkomende beperkingen introduceert voor het toepassen van vocabularia. Dergelijke bijkomende beperkingen kunnen de volgende elementen bevatten:

  • verfijning van de terminologie (klassen en eigenschappen) consistent met de semantiek uit de betreffende specificaties met een welbepaald gebruik als doel;
  • externe terminologie (klassen en eigenschappen) gebruikt voor nieuwe/extra termen die niet in de bestaande vocabularia voorkomen.

Om conform te zijn met dit applicatieprofiel, geldt voor een implementatie dat ze:

  • MOET Voor elke klasse steeds de eigenschappen bevatten die als minimum kardinaliteit 1 hebben.
  • MAG NIET meer dan 1 instantie bevatten van eigenschappen die 1 als maximum kardinaliteit hebben.
  • MAG terminologie (klassen en eigenschappen) gebruiken op een manier die consistent is met haar semantiek (definitie, gebruik, domein en bereik).
  • MAG NIET terminologie van andere gecontroleerde vocabularia gebruiken dan diegene die gedefinieerd wordt in dit applicatieprofiel.
  • MAG uitgebreid worden met klassen en eigenschappen van andere datamodellen (vocabularia) die niet overlappen met terminologie uit dit applicatieprofiel.

Overzicht

In dit document wordt correct gebruik van de volgende entiteiten toegelicht:
| Agent | Applicatie | Concept | Dataset | Eigenschap | Geregistreerd Persoon | Hoedanigheid | label | Melding | Meldingsobject | Organisatie | Organisatie-eenheid | Participatie | Persoon | Publieke Organisatie | TijdToestand |

In dit document worden de volgende datatypes toegelicht:
| | Melding Body | Meldingsobject Attribuut | Status |

Entiteiten

Agent

Beschrijving
Iemand die of iets dat kan handelen of een effect kan teweeg brengen.
Eigenschappen
Voor deze entiteit zijn de volgende eigenschappen gedefinieerd: speelt rol.
Eigenschap Verwacht Type Kardinaliteit Beschrijving Gebruik Codelijst
speelt rol Participatie De relatie tussen een Melding en een Agent die een rol speelt in de Melding.

Applicatie

Beschrijving
Een artificiële agent in een softwareomgeving.
Eigenschappen
Voor deze entiteit zijn geen eigenschappen gedefinieerd.

Concept

Beschrijving
Een abstract idee of notie; een gedachtegang.
Gebruik
Een skos:Concept stelt de waarden uit een codelijst voor.
Eigenschappen
Voor deze entiteit zijn de volgende eigenschappen gedefinieerd: prefLabel, werd toegewezen aan.
Eigenschap Verwacht Type Kardinaliteit Beschrijving Gebruik Codelijst
prefLabel String 1 Het geprefereerde label.
werd toegewezen aan Organisatie 1 Het toewijzen van de CodelijstWaarde aan een Agent (Publieke Organisatie) die verantwoordelijk is voor het behandelen van meldingen op deze Eigenschap indien de Eigenschap een bepaalde waarde heeft.

Dataset

Beschrijving
De Dataset klasse beschrijft die datasets waarop de melding betrekking kan hebben.
Eigenschappen
Voor deze entiteit zijn de volgende eigenschappen gedefinieerd: beschrijving, eigenschap, titel.
Eigenschap Verwacht Type Kardinaliteit Beschrijving Gebruik Codelijst
beschrijving String 1 Een beschrijving van de Dataset.
eigenschap Eigenschap 0...* Verwijst naar de Eigenschap die deel uitmaakt van de Dataset.
titel String 1 De titel van een Dataset.

Eigenschap

Beschrijving
De klasse voor het beschrijven van de eigenschappen waaruit een dataset bestaat.
Gebruik
In het kader van meldingen met betrekking op informatievelden met foutieve of ontbrekende gegevens kan de Eigenschap klasse gebruikt worden om voor elke Dataset weer te geven op welke informatievelden kan teruggemeld worden. Elke Eigenschap kan worden toegewezen aan een andere Organisatie die verantwoordelijk is voor het verwerken van de feedback.
Eigenschappen
Voor deze entiteit zijn de volgende eigenschappen gedefinieerd: codelijst, datatype, label, label, meldbaar, werd toegewezen aan.
Eigenschap Verwacht Type Kardinaliteit Beschrijving Gebruik Codelijst
codelijst Concept 0...* Associeert de Eigenschap met mogelijk codelijst waarden die voor de Eigenschap gebruikt kunnen worden.
datatype Datatype Het datatype voor de eigenschap.
label String 1 Een label voor de Eigenschap.
label String 0...1 True als de eigenschap verplicht mee te sturen is, anders false.
meldbaar String 1 Geeft aan of op de eigenschap kan teruggemeld worden (true) of deze louter ter informatie van de gebruiker wordt getoond (false).
werd toegewezen aan Organisatie 1 Het toewijzen van de Eigenschap aan een Agent (Publieke Organisatie) die verantwoordelijk is voor het behandelen van meldingen op deze Eigenschap. Dit attribuut wordt genegeerd indien werdToegewezenAan gedefinieerd is op niveau van CodelijstWaarde.

Geregistreerd Persoon

Beschrijving
Persoon waarvan de gegevens zijn ingeschreven in een register.
Gebruik
Doorgaans is dit register een bevolkingsregister maar het kan bv ook een kiesregister zijn. De ingeschreven gegevens hebben betrekking op de identeit (vb naam en voornaam) en de Verblijfplaats vd persoon en op belangrijke levensgebeurtenissen zoals geboor
Eigenschappen
Voor deze entiteit zijn de volgende eigenschappen gedefinieerd: registratie.
Eigenschap Verwacht Type Kardinaliteit Beschrijving Gebruik Codelijst
registratie Identificator 1 Identificatiecode van de persoon in het register.

Hoedanigheid

Beschrijving
Agent met een Functie.
Gebruik
Laat een Functie toe om te handelen,bv ihkv een Dienstverlening (bv diversiteitsplan wordt opgemaakt door diversieteitsambtenaar).
Eigenschappen
Voor deze entiteit zijn geen eigenschappen gedefinieerd.

label

Beschrijving
Een label voor het datatype.
Eigenschappen
Voor deze entiteit zijn de volgende eigenschappen gedefinieerd: label, regex.
Eigenschap Verwacht Type Kardinaliteit Beschrijving Gebruik Codelijst
label String 1 Een label voor het datatype.
regex Literal 0...1 Een regular expression die het verwachte patroon aangeeft voor de waarden van de Eigenschap.

Melding

Beschrijving
De klasse voor digitale annotaties voor het melden van feedback op data en reële wereld objecten.
Gebruik
De Melding kan gebruikt worden voor het capteren van feedback met betrekking tot concrete informatievelden (bv. foutieve of ontbrekende informatie wordt weergegeven) of feedback dat slaat op reële wereld objecten zoals een put in de weg of sluikstort.
Eigenschappen
Voor deze entiteit zijn de volgende eigenschappen gedefinieerd: heeft body, heeft doelwit, heeft participerende, heeft status, meldingsapplicatie, meldingsorganisatie, meldingstype, samenvatting, titel, url.
Eigenschap Verwacht Type Kardinaliteit Beschrijving Gebruik Codelijst
heeft body MeldingBody 0...* Het object van deze associatie is een resource die de body van de Melding beschrijft (MeldingBody).
heeft doelwit Meldingsobject 0...* De relatie tussen de Melding en het doelwit, het Meldingsobject waarop de melding slaat.
heeft participerende Participatie De relatie tussen een Melding en een Agent die een rol speelt in de Melding.
heeft status Status 1...* De Status verbonden aan de Melding.
meldingsapplicatie Agent 1 De applicatie dat de Melding creëerde.
meldingsorganisatie Organisatie 0...1 De organisatie die verantwoordelijk is voor de applicatie die werd gebruikt voor de creatie van de melding.
meldingstype Meldingstype 1...* De relatie tussen de Melding en het Meldingstype dat gebruikt worden om de melding te categoriseren.
samenvatting String 0...1 Een samenvatting van de Melding. Deze eigenschap kan gebruikt worden als een tekstveld om de Melding en de informatie die eraan gekoppeld is samen te vatten en de behandeling ervan te vergemakkelijken.
titel String 1 De titel van de Melding.
url String 0...1 Een doorverwijzing naar een webpagina over deze Melding. Deze eigenschap kan gebruikt worden om een gebruiker door te verwijzen naar een applicatie waar de actuele status van de Melding kan geraadpleegd worden.

Meldingsobject

Beschrijving
Het Meldingsobject identificeert een resource, een specifiek deel van een resource,een bepaalde representatie van een resource of een combinatie hiervan welke gebruikt wordt binnen de Melding.
Gebruik
Het model beschrijft geen attributen voor het Meldingsobject. In de praktijk kan het Meldingsobject beschreven worden aan de hand van instanties van de klasse Eigenschap.
Eigenschappen
Voor deze entiteit zijn de volgende eigenschappen gedefinieerd: gerelateerdeBody, heeft eigenschap, heeft onderwerp, heeft status, heeft toestand, heeftBron, werd toegewezen aan.
Eigenschap Verwacht Type Kardinaliteit Beschrijving Gebruik Codelijst
gerelateerdeBody MeldingBody 0...1 De body van de Melding die betrekking heeft op het Meldingsobject. Indien de Melding meerdere Meldingsobjecten bevat biedt deze eigenschap de mogelijkheid om te beschrijven welke MeldingBody relevant is voor de behandeling van het Meldingsobject.
heeft eigenschap MeldingsobjectAttribuut 0...* Refereert naar een Eigenschap die deel uitmaakt van het Meldingsobject.
heeft onderwerp URI 0...1 Het onderwerp van een meldingsobject is de informatie resource waarop teruggemeld wordt. Bv. wanneer teruggemeld wordt op een diploma zoals gekend in de Leer- en ervaringsbewijzendatabank (LED), verwijst het onderwerp naar de unieke identificator voor dit diploma zoals gedefinieerd door de LED.
heeft status Status 0...* De Status verbonden aan het Meldingsobject. Wanneer voor de melding meerdere Meldingsobjecten werden meegegeven die elk door andere Agents worden afgehandeld laat deze eigenschap toe om per Meldingsobject een status mee te geven. De Status van de Melding kan pas behandeld zijn als alle Meldingsobjecten behandeld werden.
heeft toestand TijdToestand 1 De relatie tussen het Meldingsobject en een TijdToestand.
heeftBron Dataset 1 De bron (Dataset) waar het Meldingsobject werd uit afgeleid. Dit attribuut is relevant in het kader van meldingen op concrete informatievelden zoals foutieve of ontbrekende gegevens (terugmeldingen).
werd toegewezen aan Organisatie 1 Het toewijzen van een Meldingsobject aan een Agent die verantwoordelijk is voor de behandeling ervan.

Organisatie

Beschrijving
Een aantal mensen georganiseerd in een gemeenschap of andere sociale, commerciële of politieke structuur. De groep heeft een gemeenschappelijk doel of bestaanreden die de individuele leden ervan overstijgt en kan handelen als Agent. Een organisatie heeft dikwijls een hiërarchische structuur.
Eigenschappen
Voor deze entiteit zijn de volgende eigenschappen gedefinieerd: heeft eenheid.
Eigenschap Verwacht Type Kardinaliteit Beschrijving Gebruik Codelijst
heeft eenheid OrganisatieEenheid 0...* Verwijst naar een organisatie-eenheid die deel uitmaakt van de organisatie, bv een afdeling.

Organisatie-eenheid

Beschrijving
Een organisatie zoals een afdeling of dienst die deel uitmaakt van de grotere organisatie en zijn bestaansreden daaraan ontleent. Heeft geen juridische status op zich.
Eigenschappen
Voor deze entiteit zijn de volgende eigenschappen gedefinieerd: is eenheid van.
Eigenschap Verwacht Type Kardinaliteit Beschrijving Gebruik Codelijst
is eenheid van Organisatie 1 Organisatie waarvan de organisatie-eenheid deel uitmaakt.

Participatie

Beschrijving
De klasse Participatie wordt gebruikt om informatie weer te geven met betrekking tot de rol van een Agent in de creatie of behandeling van de Melding.
Gebruik
Deze klasse laat toe om alle actoren (Agents) van de melding een rol toe te kennen, bv. Indiener, behandelaar, validator, etc.
Eigenschappen
Voor deze entiteit zijn de volgende eigenschappen gedefinieerd: beschrijving, rol.
Eigenschap Verwacht Type Kardinaliteit Beschrijving Gebruik Codelijst
beschrijving String 1 Beschrijving van de Participatie.
rol ParticipatieRol 1...* De rol die een participerend Agent heeft met betrekking tot de Melding.

Persoon

Beschrijving
Natuurlijk persoon.
Eigenschappen
Voor deze entiteit zijn geen eigenschappen gedefinieerd.

Publieke Organisatie

Beschrijving
Een Organisatie die volgens een wettelijk kader behoort tot de publieke sector, ongeacht het bestuursniveau waarop dat kader van kracht is.
Eigenschappen
Voor deze entiteit zijn geen eigenschappen gedefinieerd.

TijdToestand

Beschrijving
Een TijdToestand legt de datum en het tijdstip vast waarop het Meldingsobject dient geïnterpreteerd te worden.
Eigenschappen
Voor deze entiteit zijn de volgende eigenschappen gedefinieerd: datum vaststelling.
Eigenschap Verwacht Type Kardinaliteit Beschrijving Gebruik Codelijst
datum vaststelling DateTime 1 De datum en het tijdstip waarop het Meldingsobject moet geïnterpreteerd worden als zijnde van toepassing op de Melding.

Datatypes

Beschrijving
TODO
Eigenschappen
Voor dit datatype zijn de volgende eigenschappen gedefinieerd: gml, wkt.
Eigenschap Verwacht Type Kardinaliteit Beschrijving Gebruik Codelijst
gml Literal 1 Geometrie uitgedrukt in gml-formaat. Gebruik http://www.opengis.net/ont/geosparql#gmlLiteral als datatype.
wkt Literal 1 Geometrie uitgedrukt in wkt-formaat. Gebruik http://www.opengis.net/ont/geosparql#wktLiteral als datatype.

Melding Body

Beschrijving
De body van de Melding, deze omvat relevante informatie voor de verdere afhandeling van een melding.
Eigenschappen
Voor dit datatype zijn de volgende eigenschappen gedefinieerd: beschrijving, geometrie, url.
Eigenschap Verwacht Type Kardinaliteit Beschrijving Gebruik Codelijst
beschrijving String 0...1 Een beschrijving voor de MeldingBody. Deze eigenschap kan gebruikt worden om extra beschrijvende tekst mee te geven over het Meldingsobject.
geometrie Geometrie 0...1 De relatie tussen de MeldingBody en een geometrie. Wanneer een Agent een Melding aanmaakt kan deze bv. een bounding box tekenen op een map. De geometrie hiervan kan weegegeven worden via de eigenschap geometrie van MeldingBody.
url URI 0...1 Identificeert een resource die aan de MeldingsBody verbonden is en mogelijks speciale verwerking vraagt. Via deze eigenschap is het mogelijk om bv. Foto's of PDF documenten te koppelen aan de Melding.

Meldingsobject Attribuut

Beschrijving
Beschrijft een attribuut van het Meldingsobject.
Eigenschappen
Voor dit datatype zijn de volgende eigenschappen gedefinieerd: eigenschap, huidige waarde, voorgestelde waarde.
Eigenschap Verwacht Type Kardinaliteit Beschrijving Gebruik Codelijst
eigenschap Eigenschap 1 Verwijst naar de Eigenschap die deel uitmaakt van een bepaalde Dataset. Als waarde wordt de identificator opgenomen van de Eigenschap zoals gedefinieerd bij de configuratie van de Dataset bij de Generieke Terugmeldfaciliteit.
huidige waarde String 1 De huidige waarde van een Eigenschap.
voorgestelde waarde String 0...1 De voorgestelde waarde van een Eigenschap. De voorgestelde waarde is de waarde die de indiener van een melding als correct beschouwd.

Status

Beschrijving
De Status van de Melding in het verwerkingsproces op een bepaald tijdstip.
Gebruik
De Melding kan gelinkt zijn aan meerdere Status objecten, elk ervan geeft de status op een bepaald tijdstip weer.
Eigenschappen
Voor dit datatype zijn de volgende eigenschappen gedefinieerd: , status type, statusdatum, statuswijziging door.
Eigenschap Verwacht Type Kardinaliteit Beschrijving Gebruik Codelijst
String 1 Een beschrijving van de Status.
status type StatusType 1 Het type van de Status. Link
statusdatum DateTime 1 De datum van een Status.
statuswijziging door Agent 1 De Agent die deze status heeft geactiveerd.

JSON-LD context

Een herbruikbare JSON-LD context definitie voor dit applicatieprofiel is terug te vinden op: http://data.vlaanderen.be/context/melding.jsonld